Meer rust, meer aandacht: zo maken kleinschalige woongroepen het verschil

De woongroepen van Jeugdformaat veranderen stap voor stap. Woongroepen met negen jongeren worden omgebouwd naar kleinschalige woongroepen met ruimte voor zes jongeren. De komst van de crisisgroepen van Jeugdformaat maakt het daarnaast mogelijk dat er geen crisisplekken meer worden aangeboden op de kleinschalige woongroepen. Dit alles zorgt voor meer rust en aandacht voor de jongeren.

De verbouwing van de woongroepen

Op dit moment zijn er acht woongroepen van Jeugdformaat omgebouwd naar kleinschalige woongroepen. De veranderingen zijn zichtbaar: kleuren op de muren, nieuwe meubels en vooral: meer ruimte. “De kamers zijn groter geworden en de groepen voelen veel huiselijker,” vertelt Rosanne, die als projectleider vanuit het huisvestings- en facilitaire adviesbureau HWRK betrokken is bij de verbouwingen. “Waar het eerder wit en functioneel was, is het nu een plek waar jongeren zich prettiger kunnen voelen.”

Tijdens de verbouwing blijven jongeren op de groep wonen. “Het is best complex,” legt Rosanne uit. “We doen er alles aan om de overlast zo klein mogelijk te houden.” Jongeren verhuizen tijdelijk naar een andere kamer, zodat ruimtes stap voor stap aangepast kunnen worden. Om hen houvast te geven, is er voor een van de locaties een animatievideo gemaakt die precies laat zien wie wanneer verhuist naar welke kamer. “Zo weten jongeren waar ze aan toe zijn, wat belangrijk is in dit proces. Hieruit hebben we geleerd dat we dit een werkende aanpak is.”

“Het was gewoon vol in huis”

Dat gevoel van duidelijkheid en rust is noodzakelijk, merkt ook Ray, pedagogisch medewerker met dertien jaar ervaring op de woongroepen. “Toen er nog negen jongeren op de groep woonden, was het lastig om iedereen persoonlijk te begeleiden,” vertelt hij. “Zeker als je alleen op de groep staat. Jongeren moesten dan soms wachten om een vraag te kunnen stellen.”

Voor jongeren zoals James, die inmiddels twee jaar op een woongroep woont, was die drukte ook voelbaar. “Met negen jongeren was het gewoon vol in huis,” zegt hij. “Er ontstonden sneller misverstanden of kleine ruzies. Het voelde best intens.” Ook de wisselingen op de groep door crisisplekken zorgden voor onrust. “Deze jongeren waren er maar kort en dat bracht veel spanning met zich mee.” Die situatie is nu anders met zes jongeren per groep. Het verschil is groot en James merkt het dagelijks: “We hebben nu een vaste groep en zijn aan elkaar gewend. Er is minder lawaai. Het voelt nog steeds niet echt als thuis, want we zouden hier allemaal liever niet wonen natuurlijk. Maar ik ben blij met de veranderingen. Ik kan meer mezelf zijn in deze kleinere groep.”

Minder grote groepen, meer tijd en aandacht

Ook voor de hulpverleners verandert er veel. “We hebben nu meer tijd,” vertelt Ray. “Ik kan met iedere jongere even zitten om de dag door te nemen. Dat lukte eerder niet.” Waar hij voorheen vaak keuzes moest maken in wie hij aandacht gaf, is er nu ruimte om breder te kijken. “Ik kan me meer richten op het netwerk van jongeren, zoals hun familie. Ik moest hen altijd op de groep uitnodigen voor gesprekken. Nu heb ik ook de tijd om meer het netwerk in te gaan en hen te bezoeken.”

Die kleinschaligheid maakt extra aandacht geven mogelijk. Ray geeft een voorbeeld: “We hebben een jongere met ritmeproblemen. Nu kan ik ’s ochtends even één-op-één met hem naar buiten om de dag op te starten nadat ik uit mijn slaapdienst kom. Mijn collega die de dagdienst doet, blijft dan op de groep. Dat soort begeleiding moesten we eerder inkopen, maar nu kunnen we het zelf doen.”

De rust op de groep helpt daarbij. “Als het minder druk is, benader je jongeren ook rustiger,” zegt Ray. “Voorheen liepen we soms achter de feiten aan. Nu kunnen we betere kwaliteit hulpverlening bieden.”

Werken aan een toekomstperspectief

De extra rust en aandacht bieden ook meer ruimte om samen met jongeren gericht te werken aan hun toekomst. Elene, jongerencoach bij Jeugdformaat, helpt jongeren om stappen te zetten richting de toekomst die zij voor ogen hebben.

“Bij de start proberen we duidelijk te krijgen wat het perspectief van de jongere is,” vertelt ze. “Kan hij of zij op termijn weer thuis wonen wanneer we samen met het gezin werken aan de doelen die er liggen? Of is dat door onveiligheid waarschijnlijk geen optie? Dan werken we bijvoorbeeld toe naar zelfstandig wonen met begeleiding. Dit gaat altijd in samenspraak met de jongere en het gezin.”

Het doelgericht toewerken naar die toekomst noemt Jeugdformaat perspectiefgericht werken. “Er is een stip op de horizon waar we met elkaar naartoe willen,” zegt Elene. “De ouders worden hierbij betrokken en de jongere blijft eigenaar van het toekomstplan. We blijven met elkaar evalueren en kijken of de doelen nog steeds de juiste doelen zijn.”

Volgens Elene zorgt de kleinschaligheid ervoor dat jongeren meer rust ervaren om aan die toekomst te werken. “Het uitgangspunt is: zo kort als mogelijk, maar zo lang als nodig. Daardoor krijgen jongeren de ruimte om te werken aan hun doelen. Ze weten dat ze hier kunnen blijven totdat ze klaar zijn om terug naar huis te gaan of zelfstandig verder te gaan.”

Daarbij wordt gekeken naar verschillende belangrijke leefgebieden. “Als jongerencoach richt ik me samen met de jongere op het toekomstige woonplaatje, school en/of werk, inkomen, welzijn en een steunend netwerk,” legt Elene uit. “We ondersteunen op al deze gebieden, omdat ze belangrijk zijn wanneer een jongere de kleinschalige woongroep verlaat.”

Dat toekomstgerichte werken leidt regelmatig tot mooie stappen. Elene vertelt over een jongere die graag weer bij haar moeder wil wonen, maar voor wie dat op dit moment nog niet mogelijk is. “Samen met een hulpverlener van de groep ben ik met haar meegegaan om bij haar moeder te eten. We konden fijn in gesprek en omdat dat zo goed beviel, besloot de jongere ook haar verjaardag thuis te vieren. Inmiddels zijn we zelfs uitgenodigd op de verjaardag van haar moeder. We gaan het netwerk in en doen het samen. Dat het contact nu langzaam wordt hersteld, zet voor haar iets in beweging.”

Wanneer jongeren uiteindelijk de groep verlaten, hoopt Elene vooral dat zij vertrouwen meenemen. “Een stukje vertrouwen in zichzelf, dat ze er mogen zijn en verder mogen leren. Dat ze zich gemotiveerd voelen en zin hebben in de toekomst. Ik gun ze het gevoel in hun kracht te staan en te weten dat ze het kunnen.”

Meer dan een kamer

De verbetering zit niet alleen in de begeleiding, maar ook in de omgeving van de jongeren. Volgens Rosanne dragen de fysieke veranderingen daar direct aan bij. Jongeren denken zelf mee over bijvoorbeeld de kleur van de muren. “Dat lijkt klein, maar het maakt dat ze zich meer welkom voelen. Het kleurtje op de muur zorgt er ook voor dat we geen instelling zijn. We zijn hard bezig om het instellingskarakter uit de panden te halen vanuit de visie ‘zo thuis mogelijk’.” Bij de inrichting wordt samengewerkt met de sociale organisatie Gewoon Sociaal. Zij monteren de meubels. “Het mooie is dat daar mensen werken die een moeilijke start van hun leven gekend hebben of door een lastige fase gaan. Maar dit werk doen ze met veel plezier,” vertelt Rosanne. “Dat kan jongeren inspireren.”

Uiteindelijk draait het om wat het voor jongeren betekent. Dat zit soms in kleine momenten. Rosanne herinnert zich een jongere die na de verbouwing naar haar toe kwam. “Ze zei: ‘Bedankt voor het maken van mijn mooie kamer.’ Ik had net de kabels van haar nachtlampje netjes weggewerkt. Voor mij iets kleins, maar voor haar betekende het aandacht en gezien worden.”

Die aandacht is precies waar de beweging naar kleinschalige woongroepen om draait. Minder jongeren per groep betekent meer ruimte voor contact, rust en maatwerk om samen toe te werken naar de toekomst. Dat verschil is voelbaar voor de jongeren zelf.

Deze nieuwsberichten vind je misschien ook interessant