De eerste baby die bij crisispleegouders Sjoerd en Elsbeth werd gebracht, bleef maar huilen. Ze was pas zes maanden oud en had al meer meegemaakt dan een baby zou moeten meemaken. Maar zodra ze bij het pleeggezin was, gebeurde er iets bijzonders: “Vanaf het moment dat ze bij ons was, heeft ze dagenlang alleen maar geslapen”, vertelt Elsbeth. “Ze kwam eindelijk tot rust.”
Het was de eerste crisisplaatsing van het echtpaar. Inmiddels, achttien jaar later, hebben zij al 28 baby’s opgevangen. Als crisispleegouders bieden ze pasgeboren kinderen uit onveilige situaties een veilige plek zolang er wordt gezocht naar een passende toekomst.
Van gastouder naar crisispleegouder
Elsbeth had altijd al een passie voor kinderen. Als gastouder in de kinderopvang hield ze zich dagelijks bezig met de verzorging van baby’s. Maar ze wilde meer doen voor kinderen uit kwetsbare situaties. Toen zij en haar man Sjoerd een informatieavond over pleegzorg bezochten, wisten ze het zeker: zij wilden hun huis openstellen voor baby’s die acuut tijdelijk een veilige plek nodig hebben. Ook hun drie dochters stonden achter deze keuze. Zij zijn opgegroeid met baby’s in huis, en zijn inmiddels volwassen. “Wanneer er een nieuw kindje bij ons komt, komen ze altijd langs om te knuffelen en aandacht te geven. Ook zij vinden het fijn om op deze manier bij te dragen.”
Al snel waren Elsbeth en Sjoerd niet alleen maar crisispleegouders: “Voor het vierde kindje dat wij in ons gezin verwelkomden, was het al snel duidelijk dat haar ouders door hun eigen problematiek niet voor haar konden zorgen”, vertelt Elsbeth. “Ze had een langdurige plek nodig. Wij wilden haar een stabiele basis bieden, dus besloten we dat we haar langdurige pleegouders zouden worden.” Niet veel later kwam er nog een meisje in hun gezin wonen dat ook niet meer naar huis kon. Inmiddels zijn het twee pubermeiden. “Dat vind ik eerlijk gezegd soms lastiger dan baby’s,” vertelt Elsbeth. “Maar gelukkig krijgen we veel steun van onze pleegzorgbegeleider.”
Zolang als nodig is
Wanneer een baby uit een onveilige situatie moet worden gehaald, zoeken hulpverleners vaak met spoed een plek waar het kind tot rust kan komen. Die plek bieden Sjoerd en Elsbeth. Meestal blijft een kindje tussen de drie maanden en een jaar bij het gezin, maar soms duurt een plaatsing langer. “Tijdens de periode dat de baby bij ons is, wordt er door Jeugdformaat gezocht naar een plek in het netwerk van het kindje. Maar soms hebben ouders geen (veilig) netwerk, en moet er gezocht worden naar een langdurig pleeggezin. Het kan even duren voordat er een goede match gevonden is voor de baby. Wij hebben in ieder geval nooit een eindtermijn, het kind kan bij ons blijven totdat er een vaste plek gevonden is. Of dat nou terug naar de ouders is, een plek in het netwerk of een langdurig pleeggezin.”
Samenwerken met de ouders
De situaties die Sjoerd en Elsbeth de afgelopen achttien jaar hebben gezien, gaan hen niet in de koude kleren zitten. Elsbeth vertelt: “Het pleegouderschap heeft mij veel geleerd. Als moeder kan ik me goed inbeelden hoe hartverscheurend het moet zijn als je pasgeboren baby niet bij jou kan opgroeien. Ik kan mezelf goed verplaatsen in de situatie van de ouders.”
Als het veilig en mogelijk is, ontvangen de pleegouders de ouders ook thuis. Zo kunnen zij zien waar hun kindje verblijft en betrokken blijven bij de verzorging. “Soms helpen ouders een fles geven of hun baby in bad doen,” vertelt Elsbeth. “Dat zijn waardevolle momenten. Het is niet altijd mogelijk, want er kan ook sprake zijn van onveiligheid. In dat geval laten we de communicatie met ouders bij Jeugdformaat. “Gelukkig komt het nooit voor dat ouders vijandig zijn tegenover ons”, legt Sjoerd uit. “Ze zijn vaak blij dat het kindje goed verzorgd wordt.
Soms houden Sjoerd en Elsbeth ook na afloop van de pleegzorg contact met ouders. “Ze zijn altijd nog welkom voor tips of om hun hart te luchten,” vertelt Sjoerd. “Maar vaak wordt het contact minder en stopt het. Gezond laten verwateren, noemen wij dat.”
Loslaten hoort bij pleegzorg
Maar is het dan niet lastig om steeds weer afscheid te moeten nemen van een baby? Hierover legt Elsbeth uit: “Hechten aan een baby doe je altijd. Dus tuurlijk is het even verdrietig bij een afscheid.” Om de overgang naar een nieuwe plek zo soepel mogelijk te laten verlopen, houdt ze voor ieder kindje een boekje bij met foto's, herinneringen en praktische informatie. “Ik schrijf op wat een kindje graag eet, hoe het slaapt en wat het leuk vindt. Zo geef je een stukje van hun verhaal mee.” Loslaten hoort bij crisispleegzorg. “We vertrouwen erop dat de juiste keuzes worden gemaakt voor een kind. Dat maakt het makkelijker om afscheid te nemen.”
Buikmama en hartmama
Op de vraag waarop het stel het meest trots is, antwoorden ze: “We zijn vooral heel blij dat we pleegouder mogen zijn. Dat we kwetsbare baby’s toevertrouwd krijgen om onder onze hoede te nemen. Dat vertrouwen in ons, dat maakt ons trots.”
Met hun verhaal hopen Sjoerd en Elsbeth anderen een inkijkje te geven in het pleegouderschap, en wellicht te inspireren. “Ik zeg altijd: een kind heeft een buikmama en een hartmama,” vertelt Elsbeth. “Je buikmama blijft altijd je moeder. Wij mogen er tijdelijk voor een kind zijn en liefde geven, maar die plek nemen we nooit over. Dat is misschien wel het belangrijkste. Je bent een stukje van het leven van een kind. Juist op een moment dat deze je hard nodig heeft.”

