De training Vrienden helpt kinderen veerkrachtiger te worden

Vrienden

Vrienden is een training die kinderen helpt omgaan met onzekerheid, angsten en tegenslagen. Door middel van verschillende activiteiten werken zij aan hun weerbaarheid, sociale emotionele vaardigheden en veerkracht. Ouders spelen daarbij een belangrijke rol. Zij worden actief betrokken bij de training en oefenen de vaardigheden ook thuis verder met hun kind.

Schoolmaatschappelijk werker Evelien Clarisse geeft deze training vanuit Schoolformaat. Ze begeleidt groepen kinderen die leren hoe ze veerkrachtiger kunnen worden en meer vertrouwen krijgen in zichzelf. “Het mooie van Vrienden vind ik dat het heel positief is ingestoken en kinderen leren in deze training om te gaan met situaties die ze lastig vinden,” vertelt Evelien. 

Van Jopie de papegaai tot helpende gedachten

Vrienden is er voor verschillende leeftijden. Fijn Vrienden is er voor kinderen van 5 tot en met 8 jaar en Vrienden voor het Leven voor kinderen van 9 tot en met 12 jaar. De basis is hetzelfde, maar de aanpak verschilt.

Bij de jongste kinderen speelt Jopie de papegaai een belangrijke rol. “Jopie vindt eigenlijk alles spannend,” vertelt Evelien lachend. “Hij kan niet goed vliegen, vliegt tegen ramen aan en denkt vaak dat hij iets niet kan. Dan zegt hij bijvoorbeeld: ik ben dom of ik kan dit niet.”

En juist daar gebeurt iets bijzonders. “De kinderen gaan hem helpen. Ze zeggen dan: nee Jopie, je kunt het wel. Of: je bent helemaal niet dom.” Zonder dat ze het altijd door hebben, is voor de kinderen dit meteen een leermoment. Jopie gaat dan ook overal mee naartoe. “Ik haal de kinderen zelfs met Jopie uit de klas. Ze vinden hem geweldig.” 

Evelien werkt daarbij met een rode en een groene smiley. De rode staat voor niet-helpende gedachten. De groene voor helpende gedachten. “Als een kind zegt: ik kan het niet, dan is dat een rode gedachte. Bijvoorbeeld als je een spreekbeurt moet houden en denkt dat iedereen je gaat uitlachen.” Evelien leert de kinderen om groene helpende gedachtes te gebruiken. “Dan zoeken we samen naar een groene gedachte. Bijvoorbeeld: ik ga het gewoon doen of ik kan dit wel.” Op een spelende manier wordt dit systeem gestimuleerd, want rode niet-helpende gedachtes zorgen ervoor dat je jezelf de put in praat. Zo schrijven kinderen hun niet-helpende gedachten op een papieren vliegtuigje en gooien die daarna weg. En groene helpende gedachtes zorgen ervoor dat je dingen aan gaat, en durft te proberen. Ook leren ze ontspannen door rustig adem te halen of doen ze oefeningen waarbij ze samen oplossingen moeten bedenken. “Het is heel afwisselend. Even werken in het werkboek, dan weer een spel of een oefening met een bal. Daardoor blijft het goed aansluiten bij kinderen.”

Het is fijn om over gevoelens te praten

“In het begin vertellen sommige kinderen weinig, andere vertellen meteen heel veel. Maar naarmate de weken voorbijgaan, zie je dat ze steeds meer delen.” Wat haar daarbij opvalt, is wat kinderen zelf teruggeven. “Ze zeggen vaak dat ze het fijn vinden dat ze over hun gevoel mogen praten. Dat ze niet worden uitgelachen en dat ze serieus worden genomen.”

Ook ouders en leerkrachten merken veranderingen. Evelien vraagt daar tijdens het traject actief naar. “Ouders zeggen bijvoorbeeld dat hun kind wat zelfverzekerder lijkt. Of minder boos reageert. Dat een kind meer open is geworden of meer durft.”

Je hoeft het niet alleen te doen

Hoewel de training voor kinderen is, spelen ouders een belangrijke rol. “Deze training valt of staat echt met de betrokkenheid van ouders,” zegt Evelien. Iedere week krijgen de kinderen opdrachten mee naar huis. Soms gaat dat over emoties. Bijvoorbeeld met een dobbelsteen waarbij gezinsleden een emotie moeten uitbeelden. Andere keren gaat het over steunfiguren. “We vragen kinderen altijd: aan wie vraag jij hulp?” Dat levert mooie gesprekken op. Een broer die goed kan fietsen. Een moeder die goed kan rekenen. Een vader die goed kan koken. “Daarna krijgen ze de opdracht om thuis te vragen wie de steunfiguur van hun ouders is. Aan wie zouden zij hulp vragen als ze ergens mee zitten?”

Op die manier wordt er thuis verder gepraat over de onderwerpen uit de training. Dat sluit ook mooi aan bij waar Vrienden voor staat. De letters vormen samen de belangrijkste onderdelen van het programma:

V – Voel je gevoelens
R – Rust en ontspannen
I – Ik kan het proberen
E – Een plan van aanpak
N – Naasten
D – Doe je oefeningen
E – En ontspan
N – Nog een keer ontspannen

Volgens Evelien draait het uiteindelijk allemaal om hetzelfde. “We willen kinderen veerkrachtiger maken. Dat ze leren omgaan met spannende situaties en ontdekken dat ze meer kunnen dan ze soms zelf denken.” Of dat nu een spreekbeurt geven is, nieuwe vrienden maken of door het gat van een zwembad durven zwemmen. “Dan maken we samen een stappenplan. Eerst oefenen voor de spiegel. Daarna misschien voor een broer of zus. Dan voor je ouders. En uiteindelijk durf je het misschien voor de hele klas.”Stap voor stap. Op een manier die bij het kind past.

Deze nieuwsberichten vind je misschien ook interessant